Welkom bij les 5 van de Online Cursus Assertiviteit van Loopbaan.nl en uitgeverij Thema. Assertief zijn is opkomen voor jezelf zonder een ander daarbij onnodig te kwetsen. De woorden ‘Ik wil’ en ‘Ik ga’ stonden daarbij tot nu toe op de voorgrond. In deze les staan de woorden ‘Ik vind’ centraal, als middel om jouw gevoelens over iets of iemand uit te drukken.
1. Wat leeft er bij jou vanbinnen?
Ben je in een situatie dan gaat er in ieder geval iets door je heen bij jou vanbinnen en dat is voor anderen niet zichtbaar. Je vormt in eerste instantie zelf een gevoelsmatig oordeel over de situatie en over de manier van doen van anderen. Op basis hiervan vorm je een mening, neem je een standpunt in. Je vindt er iets van en je wilt iets doen of niet doen.
- Als iemand assertief optreedt, is buiten wel in overeenstemming met binnen. Je laat de ander wel weten wat je vindt, voelt en wilt.
- Als iemand subassertief optreedt, is buiten niet in overeenstemming met binnen. Je laat de ander niet weten wat je vindt, voelt en wilt.
Als wij vanaf nu over assertief gedrag praten, bedoelen we ermee: op zo’n manier reageren dat het in overeenstemming is met wat je wilt en voelt of vindt.
2. De toon maakt de muziek
Of een bepaalde manier van doen assertief, agressief of subassertief is, hangt niet alleen af van de inhoud van wat iemand zegt. De manier waarop dat gebeurt, is van groot belang.
- Bij een assertieve reactie is jouw houding in overeenstemming met de inhoud van jouw woorden: vriendelijk doch vastbesloten.
- Het is natuurlijk ook mogelijk om dezelfde woorden te gebruiken en toch agressief op te treden: door een verwijtende ondertoon, snauwen, stemverheffing, door met je vuisten op de tafel te slaan enz. De ander krijgt dan een enorme waarschuwing over hoe jij je voelt op dat moment. De kans is echter groot dat de ander zich beledigd of zelfs gekwetst voelt en dat hij op dezelfde manier gaat reageren.
- Dezelfde woorden passen ook in een uitgesproken subassertieve opstelling: zacht, aarzelend en verontschuldigend met voortdurend vermijden van oogcontact. Wat je met woorden wil duidelijk maken, wordt door je houding ongedaan gemaakt.
Het gaat dus niet alleen om wat er gezegd wordt, maar ook om hoe het gezegd wordt. Assertieve lichaamstaal is hierbij van groot belang:
| WEL |
NIET |
1. Kijk de ander aan en maak oogcontact 2. Congruente mimiek: kijk serieus wanneer je het ook zo bedoelt 3. Spreek zo luid dat de ander je goed kan verstaan 4. Spreek duidelijk 5. Sta rechtop 6. Blijf letterlijk en figuurlijk staan voor je standpunt 7. Breng rust in je houding |
1. Naar beneden of wegkijken 2. Verontschuldigend glimlachen 3. Zachtjes praten, monotoon of met een vragende intonatie 4. Binnensmonds 5. Je schouders iets naar voren en naar beneden 6. Een stap naar achteren doen 7. Met je handen wriemelen of wringen |
Bron: En nu ik! (waaier) Merijne Bloem
3. Wat ik vind van dingen en toestanden
‘Ik vind’ kan zowel op zaken als op mensen betrekking hebben.
A Wat ik vind van dingen en toestanden (bijv. ‘Ik vind mijn fiets een waardevol bezit.’ )
B Wat ik vind van de manier van doen van andere mensen (bijv. ‘Ik vind het vervelend dat hij zo dicht bij mij staat.’
Het onderwerp B: wat ik vind van de manier van doen van andere mensen, bespreken we uitvoerig bij punt 4. Hier blijven we nog even hangen bij A: wat ik vind van dingen en toestanden.
Situatie: Jouw baas heeft een plan. Jij kent dat plan. Zij vraagt jouw mening. Je vindt het een goed plan met zwakke plekken.
- Je kunt subassertief reageren. Je zegt bijv. : ‘Wel, ik vind het een goed plan!’
- Je kunt assertief reageren. Je zegt bijv. : ‘Ik vind het een goed plan met zwakke plekken.’
[opdracht]
Wat doe jij in dat soort situaties? In gezelschap van anderen:
- uit ik altijd mijn mening
- merk ik soms dat ik tegen mijn zin in mijn mening voor mij houd of een mening geef waarvan ik denk dat de ander die op prijs stelt.
- anders, namelijk …
|
[opdracht]
Neem nu de tijd voor de volgende stellingen:
- Ik heb het recht mijn eigen mening te bepalen en deze te uiten
- Ik heb het recht van mening te veranderen als ik dat zelf wil
- Ik heb het recht om geen reden of verontschuldiging voor mijn mening te geven
|
4. Ik vind: de manier van doen van anderen
Stel: Je hebt een nota geschreven en daar veel tijd aan besteed. Je bent trots op het resultaat. Maar jouw manager, die nota bene erg op kwaliteit heeft aangedrongen, neemt niet eens de moeite om het goed te lezen. Als je de nota persoonlijk aan hem geeft, bladert hij hem snel door en zegt: ’Ik zie een typefout, nou ja dat zie ik wel door de vingers.’ Hij geeft de nota dan aan jou terug en zegt: ‘Ach, stuur hem ook maar op, we zien wel waar het schip strandt.’
Iemand die subassertief reageert, laat zo min mogelijk of niets van zijn pijn en irritatie (boosheid) merken. Hij doet alsof hij geen pijn en irritatie voelt, maar voelt die natuurlijk wel. Herken je dat?
Bij een assertieve reactie spreek je uit wat je voelt: ‘Au!’ De reactie is in overeenstemming met wat je vanbinnen voelt. Jij wilt dat de manager ophoudt jou te kwetsen. ‘Ik vind het niet prettig dat je niet de moeite neemt om de nota te lezen. Ikzelf ben namelijk erg trots op het resultaat.’
Dus assertief zijn houdt in: opkomen voor jezelf. Zeggen wat je wilt (bijv. : ‘Ik wil dat je mij serieus neemt door de nota te lezen’). Zeggen wat je van het gedrag van de ander vindt (bijv. : ‘Ik vind jouw reactie een manager niet waardig en helemaal niet stimulerend’).
Wat doe je als de manier van doen van iemand jou irriteert of boos maakt?
- Ik zeg dan: ‘Ik vind wat je nu doet vervelend/niet prettig.’
- Ik zeg daar soms wel iets van, maar veel te weinig.
5. Over boosheid en agressief gedrag
Boosheid hoort bij mensen, net zo goed als vreugde, verdriet en pijn. Het geeft aan dat er iets aan de hand is wat jij helemaal niet wilt. Toch is het een gevoel dat vaak onderdrukt wordt. Misschien komt het omdat boosheid soms met agressief gedrag over één kam wordt geschoren. Dat is niet juist. Boosheid kan zowel op een assertieve als op een agressieve manier worden geuit. Waarom zou je jouw boosheid laten zien? Geeft het niet alleen maar gezeur? Hieronder geven wij een overzicht van de voordelen: voor jezelf en voor de ander.
a. Waarom zou ik boosheid uiten? Voordelen voor mijzelf
In een bepaalde situatie doet of zegt iemand iets wat jij niet leuk vindt. Jij voelt irritatie opkomen. Daarvoor voelde jij je rustig. De opkomende boosheid is een eerste signaal van een onprettige storing. Hoe valt die storing op te heffen?
- Ontlading - Door een assertieve reactie vindt er een vorm van ontlading plaats. De boosheid wordt geuit en als je serieus genomen wordt, komt daarna het rustige gevoel weer terug. Bij subassertief gedrag wordt de boosheid niet geuit, maar onderdrukt. En wat komt daarvoor in de plaats? Juist, spanning, want je bent niet tevreden en blijft er over piekeren. Of je explodeert als je het te lang onderdruk.
- Preventie - Als je assertief optreedt, uit je niet alleen jouw gevoel, je zegt ook wat je wilt of niet meer wilt. Stel iemand maakt een kwetsende opmerking tijdens een teamoverleg.
Ga naar Les 6: Jouw assertieve reactie op situaties