De tweede helft van uw loopbaan is begonnen. De omgeving ziet u allang niet meer als junior. Twee feiten vallen op, zo blijkt uit onderzoek van het Centraal Bureau voor de Statistiek:
- Oudere werknemers willen graag werken; het percentage werknemers van 50 jaar en ouder blijft langzaam stijgen.
- Werken valt veel oudere werknemers soms zwaar.
Het beeld wordt vertroebeld door allerlei standpunten en halve waarheden. Het wordt tijd om die stereotype beeldvorming te toetsen aan de werkelijkheid.
Tien vooroordelen over oudere werknemers
Als senior heeft u veel pluspunten. In de organisatie kijken velen tegen u op en willen wat van u leren. Maar als ze u niet persoonlijk kennen, roept uw leeftijd toch al gauw vragen op over uw inzetbaarheid. Bent u nog wel fris en enthousiast genoeg? Hebt u wel het enthousiasme en het elan van uw jonge collega's? Bent u niet te kritisch en te weinig kneedbaar? De volgende negatieve, generaliserende standpunten kunnen te pas en te onpas tegen u worden gebruikt:
1. Oudere werknemers zijn langzamer
2. Oudere werknemers kunnen niet overweg met moderne communicatiemiddelen als computers, internet, mobiele telefoons
3. Oudere werknemers hebben promotie gemaakt tot op het niveau van hun incompetentie. Zij verdienen het meest en maken het minst waar.
4. Oudere werknemers zijn inflexibel en kunnen het tempo van de moderne veranderende maatschappij en organisatie niet meer aan.
5. Oudere werknemers zijn vaker en langer ziek.
6. Oudere werknemers zijn te duur.
7. Oudere werknemers leven in het verleden: 'vroeger was alles beter'.
8. Oudere werknemers zijn te oud om nog iets nieuws te leren.
9. Oudere werknemers zijn te oud om nog in ze te investeren op het gebied van opleiding. Die investering verdien je niet terug.
10. Oudere werknemers blokkeren promotiekansen voor jongeren.
De strekking van al die punten is dat u uw beste tijd wel hebt gehad. Misschien denkt u dat zelf ook wel eens. Misschien kloppen sommige punten wel. U bent vast wel eens ziek en misschien bent u wel een computeronbenul en zegt u regelmatig dat het vroeger allemaal beter was. Het loont de moeite eens na te gaan of, en zo ja in welke mate de tien vooroordelen voor u opgaan. Misschien kunnen de volgende tips en vragen daarbij helpen.
1. Oudere werknemers zijn langzamer
Juist door uw ervarings en concentratievermogen kunt u sneller de kern van een zaak te pakken hebben. Vergelijk daarom uw werktempo eens met dat van (jongere) collega's. In hoeverre bent u echt langzamer? Bij welke taken speelt dit een rol?
2. Oudere werknemers kunnen niet overweg met moderne communicatiemiddelen
Misschien loopt u wel voorop dit terrein en werkt u met de meest geavanceerde organizer, vergadert u virtueel en ziet u voor iedere situatie een digitale oplossing!
3. Oudere werknemers hebben promotie gemaakt tot op het niveau van hun incompetentie.
Wie goed is in zijn werk, maakt een goede kans op promotie. U blijft promotie maken zolang u goed blijft in uw werk.
4. De oudere werknemer is inflexibel
In een organisatie wordt van u verwacht dat u soepel reageert op veranderingen. De mate van flexibiliteit is van persoon tot persoon verschillend. Het gemak waarmee u uiteenlopende vaardigheden en houdingen in verschillende werksituaties weet in te zetten, maken u tot een creatieve senior.
5. De oudere werknemer is vaker en langer ziek
Uit cijfers blijkt dat 45-plussers niet vaker ziek zijn dan jongeren, integendeel. Maar als ze ziek zijn, zijn ze gemiddeld wel langer ziek.
Ziekteverzuim in 2003 (Bron: CBS)
| | % ziekteverzuim | aantal ziekmeldingen per jaar | aantal ziektedagen per jaar |
| 15-25 jaar | 2,6 | 1,09 | 9,9 |
| 25-35 jaar | 4,8 | 1,50 | 12,8 |
| 35-45 jaar | 5,0 | 1,42 | 14,8 |
| 45-55 jaar | 5,5 | 1,30 | 17,6 |
| 55-65 jaar | 5,5 | 1,03 | 21,8 |
6. De oudere werknemer is te duur
In werkelijkheid hebben veel oudere werknemers hun maximumbeloning al bereikt en is er van verdere loonkostenstijging bij hen geen sprake. Toch leeft het idee 'de senior is te duur' sterk bij werkgevers. Ook veel oudere werknemers geloven dat zij zelf te duur zijn. Toch is het kostenaspect veelal te nuanceren. Immers, het gaat er niet alleen om wat u kost, maar ook wat u opbrengt.
7. Voor de oudere werknemer was vroeger alles beter
Misschien denkt u ook regelmatig dat vroeger alles beter was of meent u op basis van uw ervaring dat de verandering die ze willen doorvoeren bij uw organisatie niet positief zal uitwerken. Misschien krijgt u, als u opmerkingen maakt, het verwijt dat u niet altijd moet zeuren over vroeger. Voor mensen die vroeger niet hebben meegemaakt is het lastig alleen op basis van gezag en ervaring aan te nemen dat het anders moet. 'Vroeger was het beter' of 'Dit deden wij vroeger ook en het werkte niet', zijn opmerkingen waat anderen niet veel mee kunnen.
8. De oude werknemer is te oud om nog iets nieuws te leren
'Je bent nooit te oud om te leren', luidt een gezegde. Mensen die op latere leeftijd weer gaan leren, vinden het vaak spannend. ZIj vragen zich af of zij het nog wel kunnen. Het levert soms spanning op, omdat zij vinden dat zij het tegenover hun omgeving niet kunnen maken om te zakken of zelfs maar een onvoldoende te halen.
9. De oudere werknemer is te oud om nog te investeren
De grootste fout die je als bedrijf, maar ook als werknemer kunt maken, is ophouden met investeren in scholing. Het tempo waarin iedere sector zich ontwikkelt, vraagt om permanente scholing van jong en oud. Stoppen met investeren in scholing betekent eigenlijk afschrijven van personeel. Bovendien blijkt uit onderzoek dat scholing juist bij oudere werknemers de motivatie voor het werk, maar ook de arbeidssatisactie vergroot.
10. De oudere werknemer blokkeert promotiekansen voor jongeren
Zolang u op een adequate wijze uw werk vervult, is elk verwijt in deze richting onzin. Hiervoor hebben we al aangegeven hoe vooroordelen over 45-plussers kunnen worden ontkracht of genuanceerd. U zit niemand in de weg, hoe graag een jongere werknemer uw plaats ook wil innemen.